Grieks Proza 12

Nikos Kazantzakis, Ascetica. De redders van God en Symposium
inleiding en vertaling Bert Groen en Hero Hokwerda, 1997, ISBN 90 5693 017 6, 87 p.

 13,50

Categorie:

Nikos Kazantzakis (1883, Iráklio — 1957, Freiburg) was een schrijver met een enorme en veelsoortige productie: toneelstukken, romans, dichtwerken, reisverslagen, een autobiografie, artikelen en studies, talrijke brieven, en ook vertalingen. Het bekendst is hij geworden door zijn romans (en verfilmingen daarvan!): Leven en werken van Aléxis Zorbás (1946, ‘Zorba de Griek’), Christus wordt weer gekruisigd(1948), Kapitein Michalis (1950) en De laatste verzoeking (1954, verfilmd in 1988: ‘The last temptation’). Ook in Nederlandse uitgave, doorgaans vertaald uit het Frans of Duits, haalden deze romans in de jaren vijftig en zestig soms reusachtige oplagen.

Kazantzakis schreef al zijn werk vanuit weldoordachte ideeën over de bestemming van de mens en van de wereld. Zijn visie daarop heeft hij expliciet uiteengezet in zijn sleutelwerk Ascetica. De redders van God, en ook in Symposium.

De Ascetica is een wijsgerig en godsdienstig/mystiek werk, waarin Kazantzakis zijn theorie over ontstaan en doel van de wereld en de mens en over de redding van de mens uiteen wilde zetten. Hij was ervan overtuigd dat de traditionele christelijke dogmatiek geen bevredigende antwoorden meer gaf op de vraag naar de zin van het bestaan en hij zocht naar een vervangende theorie. Tot aan zijn levenseinde beschouwde Kazantzakis Ascetica, geschreven in de jaren twintig, als zijn belangrijkste geschrift, als zijn definitieve ‘credo’, ja, als de sleutel tot een goed begrip van al zijn andere literaire werk.

Symposium dateert uit dezelfde periode en is onvoltooid gebleven (het verscheen postuum in 1971). Toch is ook het meer poëtische Symposium boeiend om te lezen naast het meer beschouwelijke Ascetica. Dezelfde elementen van Kazantzakis’ denkwereld zijn erin terug te vinden: zijn eeuwige poging om — in een levensbeschouwing zonder traditionele God die buiten de individuele mens bestaat — toch tot een positief engagement te geraken, tot handelen.

Meer over beide werken in de inleiding bij de huidige uitgave.

Inleiding en vertaling zijn van de hand van Bert Groen (destijds Instituut voor Oosters Christendom te Nijmegen) en Hero Hokwerda (destijds Instituut voor Nieuwgrieks en Byzantinologie te Groningen).

Van Kazantzakis verscheen in Grieks Proza tevens Verantwoording aan El Greco (zie Grieks Proza nr. 11), waarin de schrijver terugkijkt op zijn leven van strijd en ontwikkeling; veel elementen uit Ascetica en Symposium kan men in deze ‘spirituele autobiografie’ uit het eind van zijn leven terugvinden.